Broodnodige breinkennis in de rechtbank

Een man die wordt verdacht van langdurig stalken blijkt dementie te hebben. Kun je hem zijn misdrijf dan wel aanrekenen? Wat is een passende straf en behandeling? Deze vragen komen voorbij in de slotbijeenkomst van de postdoctorale opleiding Forensische neuropsychologie en neuropsychiatrie aan de VU.

‘Is zijn gebrek aan empathie te verklaren door zijn ziekte?’ vraagt een van de rechters. Zo’n tien cursisten luisteren geconcentreerd naar het antwoord. Ze sluiten hun opleiding af met een bijeenkomst waarop ze drie rechtszaken uit de praktijk naspelen. Steeds is er bij de verdachte een vermoeden van een neurologische stoornis of ziekte, waarbij het stellen van de juiste diagnose van groot belang is.

De juiste diagnose vergroot de kans dat de behandeling aanslaat en de delinquent niet in herhaling vervalt. Ook verkleint de juiste diagnose de kans dat iemand onterecht in de gevangenis terechtkomt. Kennis van de hersenen is dus essentieel in de rechtbank. Toch was er wereldwijd nog geen wetenschappelijke opleiding voor de diagnostiek en behandeling van verdachten. Tot de VU twee jaar geleden startte met de postacademische opleiding Forensische Neuropsychologie en Neuropsychiatrie. De opleiding richt zich vooral op forensisch psychologen, psychiaters en op pro Justitia rapporteurs, die verdachten psychisch onderzoeken.
 

Bloedserieus

forneuro1Per rechtszaak neemt één cursist de rol van pro Justitia rapporteur in. Normaal gesproken doen zij zelf onderzoek. Maar omdat vandaag echte zaken worden nagespeeld, hebben ze nu rapporten over de verdachte gelezen en daaruit een eigen conclusie getrokken. Die verdedigen ze vandaag tegenover drie echte rechters en een advocaat. Alle vier werken zij in het dagelijks leven met strafzaken waarbij neurologische problemen een rol spelen. De rol van de rapporteur is belangrijk, want zoals een van de rechters zegt: ‘Op het gebied van strafrecht hebben we veel ervaring, maar op neurologisch gebied zijn we leken en dus afhankelijk van de rapporteur.’

forneuro2De rechters en de advocaat zijn uiterst geconcentreerd en bloedserieus. De rapporteur zit minder goed in haar rol. ‘Kunt u nog een keer herhalen wat u net heeft gezegd?’ wil de advocaat weten. De rapporteur, die net een lang, ingewikkeld betoog heeft afgestoken, antwoordt lachend: ‘Ik vrees van niet.’ Haar taak is ook niet eenvoudig. De rechters en advocaat willen een duidelijk beeld krijgen van de mentale toestand van verdachte, maar de bronnen van de rapporteur spreken elkaar grotendeels tegen.

Inmiddels is het tijd om af te sluiten, de lunch staat al klaar in de gang. De rechters bepalen aan het eind van de middag hun straf en delen die met de cursisten. Dat komt straks,  de rapporteur wil nog één ding zeggen: ‘Ik begrijp goed dat jullie geen duidelijk beeld krijgen. Het is een ingewikkelde zaak.’ Een van de rechters protesteert lachend: ‘Dat hadden we natuurlijk liever niet gehoord.’
 

Deelnemers aan het woord

Britta van Toorn (57)
Britta_van_Toorn‘In mijn werkveld kijken we steeds minder naar DSM-classificaties en steeds meer naar welke functie is verstoord. Dat zegt ook meer, want je kunt wel zeggen dat iemand ADHD heeft, maar dan weet je nog steeds niet welke factoren uit die stoornis een rol spelen bij het gedrag. Deze opleiding sluit heel goed bij die verschuiving aan.
Ik vond de colleges erg verdiepend op het gebied van de neuropsychologie. De relatie tussen hersenen en gedrag komt uitgebreid aan bod. De inhoud is inhoudelijk wel vooral gericht op het werk van de PJ-rapporteur. Dat zou iets breder mogen van mij. De kennis van de docenten is indrukwekkend en ze weten ons cursisten goed te boeien. Doordat we met een klein groepje zijn – zo’n tien man – was er ook veel interactie.’
Britta van Toorn is pro Justitia rapporteur, studeerde psychologie aan de Universiteit van Utrecht, en gz-psychologie bij RINO Zuid.

Michel_MulderMichel Mulder (40)
‘Ik vind het erg nuttig om op een nieuwe manier te leren denken. Niet alleen door de colleges, maar ook door mijn medecursisten. Iedereen werkt in de forensische psychiatrie of psychologie en we wisselen veel kennis uit. In de pauzes bespreken we bijvoorbeeld cases en delen we waar we tegenaan lopen.
Voorheen richtte ik me bij een patiënt vooral op de vraag: hoe kunnen we zin gedrag zo managen dat hij kan meedraaien in de samenleving? Nu zou ik eerder een neuropsychologisch onderzoek aanvragen, om erachter te komen welke functies in zijn hersenen niet goed werken, en de behandeling afstemmen op de uitslag.’
Michel Mulder is psychiater en zorgmanager voor interculturele zorg, forensische zorg en verslavingszorg, sttudeerde geneeskunde aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam.

Mirjam_den_HoudijkerMirjam den Houdijker (40)
‘Deze opleiding heeft me er echt bewust van gemaakt dat ik telkens alert moet blijven op aanwijzingen voor hersenbeschadiging. Veel van onze cliënten hebben bijvoorbeeld ernstige problemen in hun impulscontrole. Voorheen was mijn neiging om dan al snel een diagnose als ADHD te stellen. Maar nu ga ik eerst op zoek naar aanwijzingen voor hersenbeschadiging, zodat dat eventueel onderzocht kan worden. Iemand met ADHD kan namelijk heel goed profiteren van medicatie en gerichte trainingen, maar voor iemand met een hersenbeschadiging is soms andere of aanvullende zorg nodig. Ik neem deze kennis niet alleen mee in mijn eigen behandeltrajecten, maar probeer ook mijn collega's hier meer bewust van te maken.’
Mirjam den Houdijker is gz-psycholoog bij een forensische polikliniek, studeerde klinische psychologie aan de VU en gz-psychologie bij de RINO Groep in Utrecht.

> Meer informatie over de opleiding Forensische neuropsychologie en neuropsychiatrie.