Mensen met lage-rugpijn baat bij controle over rug-beweging

11-11-2019

11.45

Aula

Motor Control of the Trunk During Gait in Low Back Pain

M.R. Prins

prof.dr. J.H. van Dieen, dr. S.M. Bruijn, dr. P. van der Wurff

Faculteit der Gedrags- en Bewegingswetenschappen

Bewegingswetenschappen

Promotie

Mensen die last hebben van lage-rugpijn, hebben mogelijk baat bij het krijgen van meer controle over rug-bewegingen, in plaats van deze te fixeren. Tijdens het lopen beweegt de rug van mensen met lage-rugpijn namelijk minder variabel dan bij mensen zonder deze klachten. De rug beweegt dus iedere stap hetzelfde. Dit lijkt deels te komen door een verhoogde spanning van de spieren rondom de rug. Dit blijk uit het promotieonderzoek van Maarten Prins.

Core stability
De behandeling van lage-rugpijn bestaat vaak voor een belangrijk deel uit 'core stability' oefeningen, waarbij wordt geleerd de lage-rug te fixeren tijdens verschillende oefeningen. Prins: “Maar de behandelresultaten vallen tegen. De pijn vermindert iets, maar een chronische rugpijn patiënt komt hier waarschijnlijk niet meer van af. De resultaten van mijn promotieonderzoek suggereren dat de ‘core stability’ van patiënten met rugpijn niet onderdoet voor die van mensen zonder lage-rugpijn. Dat is van belang voor de behandeling: we moeten ons meer gaan richten op het controleren van het bewegen van de rug, niet het fixeren ervan.”

Lage-rugpijn
Rugpijn komt ontzettend vaak voor en de maatschappelijke kosten zijn enorm hoog. Meer dan 50% van de bevolking zal een of meer episodes van lage-rugpijn ervaren tijdens het leven. De meeste episodes van lage-rugpijn houden binnen zes weken vanzelf weer op, maar in sommige gevallen keren de klachten regelmatig terug. Er is dan sprake van een chronische aandoening met een variabel beloop. Doordat lage-rugpijn geregeld leidt tot ziekteverlof en omdat de aandoening zo vaak voorkomt is de economische last vergelijkbaar met andere grote gezondheidsproblemen zoals cardiovasculaire aandoeningen en kanker.

Behandeling is lastig
De behandeling van lage-rugpijn wordt bemoeilijkt omdat er in de meeste gevallen geen aanwijsbare bron van de pijn is. Volgens de huidige evidentie bestaat de beste behandeling uit lichaamsbeweging in combinatie met educatie. De variatie in oefenprogramma’s is groot en het is nog onduidelijk welke oefeningen het meest effectief zijn. Behandelrichtlijnen zijn ook niet specifiek over de inhoud van oefenprogramma’s. Inzicht in de bewegingssturing van de romp (schoudergordel of thorax ten opzichte van het bekken of pelvis) bij lage-rugpijn zou kunnen helpen om effectievere oefenprogramma’s te ontwerpen.